15 mythes over hoogbegaafdheid ontkracht

november 4, 2019 9:43 pm | Gepubliceerd door | Reageer op dit bericht

Over slimme kinderen doen vele hardnekkige mythes de ronde. Vaak is er namelijk in jouw omgeving of bij de leerkrachten weinig bekend over een ontwikkelingsvoorsprong, begaafdheid of hoogbegaafdheid.  Hieronder 15 mythes over hoogbegaafdheid die ik met een korte toelichting zal ontkrachten.

 

Dit helpt jou;

  • Om sterker in je schoenen te staan
  • Om minder te twijfelen aan jezelf
  • Om te blijven geloven in jezelf en in je kind
  • Ook te genieten van de kwaliteiten van je kind
  • Om op te komen voor je kind, wanneer dat nodig is
  • Om meer begrip te hebben voor de leerkracht
  • Ook te genieten van de vaardigheden van je kind
  • Om andere te informeren die er meer van af willen weten

 

15 mythes

  1. Vroegsignaleren is nergens voor nodig
  2. Alle hoogbegaafde kinderen vervullen hun potentie
  3. Begaafdheid is makkelijk te bepalen
  4. Het is een groot voordeel voor hoogbegaafde kinderen dat ze makkelijk leren
  5. Alle hoogbegaafde kinderen kunnen goed leren
  6. Lesgeven aan hoogbegaafde kinderen is makkelijk
  7. Hoogbegaafde kinderen redden zich wel
  8. Jouw hoogbegaafde kind heeft geen extra aandacht nodig
  9. Hoogbegaafde kinderen herken je zo
  10. Het is prima om andere uit te leggen wat jouw kind al weet/snapt
  11. Alle kinderen zijn begaafd, echt niet alleen die zogenaamde hoogbegaafden.
  12. Hoogbegaafde kinderen zoeken zelf wel die uitdaging
  13. Voor hoogbegaafden is het bespelen van een instrument een makkie
  14. Het is lastig om te spelen en muziek te maken met een kind dat hoogbegaafd is
  15. Kinderen, die hoogbegaafd zijn, zijn sociaal onhandig

 

①  Vroegsignaleren is nergens voor nodig

Vanuit je omgeving hoor je vaak de volgende opmerking. “Waarom zou je willen weten dat je kind een ontwikkelingsvoorsprong heeft of hoogbegaafd is terwijl het niet eens 6 jaar is? Laat het lekker kleuteren, heerlijk spelen, knippen en plakken. Hij hoeft toch nog niet zoveel te weten of te doen?”

 

Bovenstaande houding veroorzaakt een negatieve ontwikkeling van jouw kleuter of peuter. Wanneer een kind van de peuterspeelzaal naar de kleuterschool gaat verwacht een kind met een ontwikkelingsvoorsprong nogal eens dat het echt gaat leren, dat het Spaans of Engels gaat leren.

     Yes, nu ga ik leren!

Ik hoorde zelfs een kleuter die dacht dat hij nu meer over het menselijk lichaam ging leren, over de werking van de bloedsomloop en de longen. Zijn moeder stond voor een groot dilemma hoe hem duidelijk te maken dat hij dat echt niet in groep 1 gaat leren ennuh…ook nog niet in groep 2

 

Het is dan vreselijk teleurgesteld wanneer het ook hier verder gaat met kleuren, knippen en plakken. Totaal geen uitdaging voor het kind. Sterker nog, het kind gaat aan zichzelf twijfelen en haalt zichzelf omlaag. Wanneer hij vraagt om een geel potlood en het krijgt een rode gaat het twijfelen of geel wel geel is. Zo ook met de letters, namen en woordjes. De andere kinderen doen dat ook nog niet, dus het kind gaat zich aanpassen. Kon jouw kind eerst al wat lezen en de juf zegt dat lezen pas in groep 3 wordt geleerd, dan kan het stoppen met lezen, want dat doe je nu nog niet. Je kind raakt gefrustreerd, gaat zich vervelen, het zelfbeeld brokkelt af en je kind gaat onderpresteren.

 

Wist jij dat je aan de hand van de menstekening van je kind kan zien of het een ontwikkelingsvoorsprong heeft? Maar ook dat jouw kind zich binnen 6 weken kan aanpassen aan de leeftijdgenoten? Genoeg redenen dus om vroeg te signaleren, zodat het kind de lesstof aangeboden krijgt waar hij behoefte aan heeft.

 

②   Alle hoogbegaafde kinderen vervullen hun potentie

Wanneer je ervan uit gaat dat hoogbegaafde kinderen er wel komen, kom je bedrogen uit. 16% haalt maar een universitair diploma, doordat zij niet of heel laat leerden leren en tegen hun grenzen opliepen. Als uitstroomprofiel wordt er van deze groep toch vwo of gymnasium verwacht. Helaas is dit niet altijd het geval.

Mijn oudste zoon had als uitstroomprofiel vmbo, doordat hij zich zo klierig gedroeg in de klas. Doordat hij zijn cito zo wonderlijk goed had gemaakt kreeg hij toch een HAVO advies. Nu doet hij in de examenklas van het VWO helaas nog steeds erg weinig. Mijn jongste zoon haalde op de basisschool goede cijfers terwijl hij maar weinig deed. Dit tot grote ergernis van de leerkracht. Hij is gestart op het VWO, van VWO 3 naar HAVO 4 gegaan en doet nu HAVO 4 over en haalt nog lagere cijfers als vorig jaar.

 

        Verwachting

Als je weet dat je kind hoogbegaafd is heb je vaak hoge verwachtingen, die niet altijd waar gemaakt kunnen worden. De uitstroom varieert dan ook van VMBO tot Gymnasium en helaas zijn hier ook schoolverlaters bij.

Hoe hoger je IQ, hoe lastiger het is om je te handhaven in ons huidige schoolsysteem doordat je andere interesses hebt. Maar ook doordat je weinig aansluiting vindt, de leerstof niet interessant is, geen passend onderwijs, gedragsproblemen ontwikkelt en eigenlijk niet leert leren.

 

Het kan ook zijn dat een kind begint op het gymnasium of vwo, tegen lastige vakken aanloopt. Dat het specifieke vaardigheden zoals leerstrategieën, gebruik van geheugen, samen werken, tegen grenzen oplopen en overwinnen niet beheerst.  Of ervan overtuigd is dat het bepaalde lesstof gewoon niet beheerst.

Soms zakt een hoogbegaafde leerling naar een lager niveau, doordat ze deze vaardigheden (nog) niet hebben ontwikkeld. Wanneer je kind gewend is weinig te doen (onderpresteren), dan is een niveau lager ook beter te handelen. Zo kan een kind langzaam afzakken van vwo naar vmbo. Daarom is het zo belangrijk om een kind al vroeg te herkennen, te erkennen en specifieke begeleiding te geven, zodat het zich leert inspannen, doorzetten, tegen grenzen oploopt om deze vervolgens te overwinnen

 

③ Begaafdheid is makkelijk te bepalen

 

Je zou zeggen, je doet een IQ test en wanneer je kind boven de 130 ‘scoort’ dan is het hoogbegaafd. Easy toch? Helaas is het niet zo simpel.

Volgens de wetenschapper Renzulli beschikt een hoogbegaafd kind over buitengewone capaciteiten (boven de 130), een grote motivatie en creativiteit. Volgens wetenschapper Mönks is de houding en de inbreng van het gezin, de school en de vrienden bepalend voor het tot ontwikkeling komen van de buitengewone capaciteiten van een kind

Een IQ test is een moment opname en wanneer een kind niet lekker in zijn vel zit en niet gemotiveerd is ontstaat een lagere score. Wanneer de testafnemer niet gespecialiseerd is, dan kan je ook een vertekend beeld krijgen doordat een hoogbegaafd kind vaak veel complexer denkt. Bij een ‘fout’ antwoord moet er dan ook doorgevraagd worden. Vaak blijkt dan dat het hoogbegaafde kind vele ingewikkelde associaties erbij haalt.

Bijvoorbeeld bij verschillende dino’s waarvan één een petje op heeft. Het kind moet aangeven welke dino er niet bij hoort. Het kind ziet een carnivoor en 3 herbivoren waarvan 1 een petje opheeft. Het kind zou kunnen denken dat de ene dino een carnivoor is en de rest herbivoren, dus kiest het kind voor de carnivoor. Laat deze nou net niet dat petje op hebben. Fout geantwoord dus?! Want het was juist de bedoeling dat de dino met het petje aangegeven zou worden als fout.

Ook kan je hoogbegaafd zijn en niet in staat zijn om dit op cognitief niveau te laten zien. Dan merk je bijvoorbeeld aan het gedrag, houding ten opzichte van de wereld, aan de creativiteit, nieuwsgierigheid, doordenken en inventiviteit dat je kind hoogbegaafd is. Het bepalen van hoogbegaafdheid is dus een heel complex specialisme.

 

 

Wil jij ook de toelichting op de andere mythes lezen?

Laat even je gegevens achter en je kunt de toelichting downloaden.

DOWNLOAD het vervolg

 

Tags : , ,

Gecategoriseerd in:, , ,

Dit bericht is geschreven door Karin



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *